RSS

Tag Archives: vrijmetselarij

Bon á manger et bon á penser aussi

 

 

‘Lekker om te eten en ook lekker als gedachtenvoer, maar niet alles, zei de cultureel antropoloog Claude Lévi Strauss. Maar die had het niet per se over de “beignets de fleurs d’acacia, ofwel acaciabloesembeignets” waarover Jelle Reumer het dit weekend heeft, in de Trouw. Hoewel symboliek en ritueel vanzelfsprekend des antropologen zijn.’

‘Gut, vergeet de croissants in de oven niet!’ roept Hadewych verschrikt,  ‘ze geuren al. Wat bedoel je precies Semanur. Staat er een recept voor Franse beignets in de Trouw? Moet je beignets met ritueel verorberen, alleen op bepaalde dagen? Le cru et le cuit, over tafelmanieren en zo?’

‘Nou, neen, niet meteen een recept, maar een allusie – een toespeling,’ verklaart Semanur, ‘althans voor mij, want in mijn familie ritselt het van de maçons. Jelle Reumer heeft het over een gefrituurde lekkernij. Dat is wel iets voor Lévi-Straus, die het ondermeer over de wijzen van voedselbereiding heeft: rauw, gekookt, gerookt, gestoofd, misschien gefrituurd, bij decadente beschavingen?’

‘Het ritselt van de quoi?’ vraagt Lieke.

‘Van de vrijmetselaars, maçons,’ weet Hadewych, ‘ja, bij mijn ouders thuis komen er ook regelmatig enkelen op visite.’

‘Wat is het verband tussen vrijmetselaars en weekdieren?’ vraagt Lieke.

‘De acacia,’ zegt Semanur, ‘Jelle Reumer schrijft over de acaciamot – Macrosaccus robiniella en Parectopa robiniella –  en zijn stukje heet “De acacia is niet te versmaden,” voor die mot dus, neem ik aan. Bij de maçonnerie hoort een catechismus – een vraag-en-antwoord-ritueel –  en ik geloof dat bij het meesterrituaal, de zevende graad, de acacia ter sprake komt. Dat heb ik tenminste gelezen in een van de boeken over vrijmetselarij, bij ons thuis in de boekenkast. “De acacia is mij bekend,’’ zoiets, geloof ik.’

‘Heeft Hermans’ roman De tranen der acacia’s hiermee te maken?’ vraagt Lieke. ‘De vader van W.F.H. was toch vrijmetselaar?’

‘Dat zou mij niet verbazen,’ zegt Semanur, ‘want De tranen van Hermans telt niet zo maar 21 hoofdstukken, dat is drie keer zeven. En zeven is in de maçonnerie een belangrijk getal. Net als drie. En vijf. Zodoende.’

Lieke: ‘Bovendien gaat het over voortleven na de dood, of herrijzen uit de dood, en wat al niet. Wordt er niet een gedode bouwmeester uit de doden gewekt – symbolisch dan.’

‘De acacia verbindt de boven- en de onderwereld,’ zegt Semanur, ‘hij is een tussenboom, een bemiddelaar, broker, tussen het dodenrijk en de wereld van de levenden, zoiets.’

‘Ik zal het eens aan mijn ooms vragen,’ zegt Hadewych, ‘die praktiseren volgens mij nog als vrijmetselaars, al is het niet meer zo intensief als ze ooit plachten te doen, want ze “doen het” vaker in huiselijke kring, ver van de Rotary en de Lions, zoals ze nadrukkelijk beweren: “We zijn geen serviceclub en ook geen geheim genootschap.” Het is een besloten vereniging, waar in beginsel ieder fatsoenlijke man lid van kan worden. Dat schijnen ze erg belangrijk te vinden: geen service club en geen geheim genootschap.’

‘Tja, ik weet er niet alles van, maar Mustafa Kemal was een maçon,’ zegt Semanur, ‘en iedere Turk met een ietsie-pietsie geestelijke bagage voelde zich wel een beetje of meer tot die club aangetrokken. Een wereldwijde Broederschap, die niet naar ras, herkomst, sociale status of godsdienst taalde; ieder het zijne, en vooral verdraagzaamheid, geen twist. Een club alleen voor mannen, dat wel. Of de vrijmetselarij onder Erdogan is toegestaan, weet ik eigenlijk niet. Ik denk van niet, maar dat zou ik moeten natrekken. Vrijmetselarij verbieden, geldt als een veeg en omineus teken, zei mijn opa altijd.’

‘Tegenwoordig is er ook een gemengde vrijmetselarij,’ zegt Hadewych en zelfs een vrouwelijke afdeling, geloof ik. Maar nu zijn de croissants klaar. Kijk, ze hebben wel iets van de stam van een acacia, vinden jullie niet? ‘

‘Nederlands is mooi, maar best moeilijk,’ zegt Semanur met een zucht, ‘zelfs een professor – J.J. Oversteegen – schrijft in zijn stukje over “De tranen” van Hermans: “De identifikatie van de lezer met de gebeurtenissen wordt door de synchronisering van romanontwikkeling en lezersvermoedens natuurlijk in hoge mate bevordert.” Nota bene, een “t” aan het eind van het voltooid deelwoord. Maar ach, misschien heeft dbnl het fout overgetypt.’

 

‘Zou Jelle Reumer dit stukje in de New York Review of Books geplaatst gekregen hebben, denken jullie?’

‘ ? ? ? ‘

‘Anders geformuleerd: kun en mag je Somali, Afghani, Syriërs en andere exoten, eten? Of alleen al dat verband leggen? Krijg je dan niet mevrouw Judith Sargentini op je dak? Gaat die mevrouw nu ook Amerika sarren en boycotten vanwege de affaire Buruma en de persvrijheid? Hebben we momenteel in de VS te maken met gedachtenpolitie? Mogen we nog in metaforen denken, of is wild denken, la pensée sauvage tegenwoordig verboden?’

‘Dat zijn ook bloemen, viooltjes, niet om te eten, mais bons á penser, evidemment.’

‘Juist, ja, nu zie ik waar je heen wilt,’ zegt Lieke, die de Trouw-pagina op heeft gepakt, ‘dat raadt Jelle Reumer als remedie aan, opeten.’ Ze leest voor: ‘ “ Invasieve exoten zijn al lang een probleem. Ze komen dikwijls in kolossale aantallen voor, verdringen andere soorten en richten soms ook economische schade aan. Bestrijding lijkt een nog nuttelozer bezigheid dan het spreekwoordelijke dweilen met de kraan open. Maar wat blijkt: veel soorten zijn eetbaar.  …..   opeten die handel! Als de natuur niet voor parasieten en predatoren zorgt, kan de mens die functie ook uitoefenen. Ecologisch bekeken kun je de clientèle van de boulangerie in Rauzan tot de Robinia-predatoren rekenen.” Juist ja, als mens kun je dieren en planten eten, maar geen medemensen. Dat vindt ook de antropoloog Lévi-Strauss niet goed. Of, soms ook weer wel, toch. Mooie studie, Culturele Antropologie. Jammer, dat ook die studie is uitgekleed door de politieke paljassen en hun manager-handlanger-collaborateurs.’

Lieke: ‘Je wilt die exoten natuurlijk ook niet laten verzuipen op zee – ik bedoel, vanwege die “open kraan” van Jelle Reumer, die staat niet zo maar open, nietwaar? Dubbelzinig, die open kraan hier. Weten jullie nog, die verdrinkingskelder van Simon Schama? Ik meen in The Embarrassment of Riches? Pompen of verzuipen, in het rasphuis. Wáááátermanagement! waterboarding, wij deden het al!’

‘Wij worden door prutsende politici, die kortetermijn-denken en eigenbelang nastreven, voortdurend voor naargeestige dillemma’s geplaatst,’ zegt Semanur. ‘Zo onnodig en verspillend allemaal. Als die beroepspolitici maar van een ietsje betere kwaliteit zouden willen zijn. Onbenul trekt onbenul aan.’

‘Naargeestig stukje van Nelleke Noordervliet, over ons onderwijs, in dezelfde Trouw, vind je niet? Dat – als wat mw. Noordervliet schrijft waar is – de meeste “studenten” tegenwoordig  voor de veredelde HBO-opleiding rechten kiezen, is heel waarschijnlijk. Immers, als een trust society erodeert en verloedert naar een hypercontract maatschappij, waarin iedereen de ander als middel ziet, moet je je middels rechtsprocedures verweren. En dan nog. Die mogelijkheid hebben alleen de vermogenden, want (goede!) advocaten zijn peperduur en die worden almaar duurder. Dus LUXE is een uitermate relatief en zéér tijd- en contextgebonden begrip. En strak gerelateerd aan rechtvaardigheid en gerechtigheid.’

‘Reumer schrijft over planten en dieren en hij gebruikt de term “exoot” niet “allochtoon”, maar dat komt wat mij betreft op hetzelfde neer,’ zegt Hadewych. ‘Ik denk aan de tilapia-vis, de dingo en het konijn in Australia, de mustang in Noord-Amerika, paarden, door Spaanse kolonisatoren aan hun lot overgelaten, en zo kun je vast nog legio andere voorbeelden bedenken.’

‘Mag je zelfs maar in gedachten, de dingo en het konijn vergelijken met menselijke migranten van nu? Misschien doen de Australiërs dat onbewust, of stiekem. Maar dan zou ik graag de mening van de Aboriginals over de vroege Australische immigranten – Engelse misdadigers die werden verbannen uit Europa – willen weten.’

Semanur: ‘Toen George Orwell in 1945 zijn Animal Farm publiceerde, was hij de held, want hij persifleerde immers het perfide communisme van Rusland – en China. Als ik nu die Nederlandse postbodes met hun flex-aanstellingen zie ploeteren met hun tassen vol nutteloze reclamefolders en die schlemielen van Delivero, letterlijk met hun bochels op de rug, die ervan uitgaan dat deze job tijdelijk is en ze ooit, ooit, ….. de neoliberale nomenklatoera. Tja, en toch blijft het stemvee maar naar die stembus sjokken. Eigenlijk vreemd dat Animal Farm / Boerderij der dieren, nog niet is verboden. De meeste mensen leggen het verband gewoon niet, zien geen parallel tussen de communistische nomeklatoera en de neoliberale, kapitalistische uitbuiters en ladenlichters’

‘Nou ja, wij hebben nooit een Goelag gehad, zoals de Russen onder Stalin, of killing fields zoals de Combodianen onder Polt Pot, ‘zegt Lieke zacht, ‘maar “wij” hadden wel Auschwitz, Ravensbrück en Dachau en nog een paar van zulke vakantie-werk-oorden. Arbeit macht frei, jazeker, er werd zelfs op tamelijk hoog niveau gemusiceerd, alleen een vakbond mocht niet. Okay, je kunt tenslotte niet alles hebben, nietwaar?’

‘Wat gebeurt er vandaag de dag in Noord-Korea?’ vraagt Semanur. ‘Daar komt echt geen exoot binnen en er vertrekt er bijna ook geen een hoor.’

‘Wij? Wij zijn van de Verlichting en de Renaissance, en van de euro! Zelfcensuur en zelfbedrog, is veel effectiever dan fysieke controle en dwang. Veel goedkoper vooral. Jullie censureren jezelf toch ook. Je denkt automatisch alleen aan planten en dieren als aan exoten. Je peinst er niet over om Amerika dezelfde behandeling te willen geven als de EU-bobo’s Hongarije – en Groot-Brittannië – laten ondergaan, vanwege de persvrijheid, de vrijheid van meningsuiting. Alleen – want dat is de hoofdoorzaak van de ellende: Frau Merkel met haar miljoenPlus exoten – omdat de Hongaren en de Polen en de Britten zeggen: wij willen zelf bepalen wie we binnenlaten en op welke voorwaarden. Laat ons het asielrecht in godesnaam ongecontamineerd hooghouden.’

‘En gelijk hebben ze,’  zegt Lieke met een hartgrondige zucht, ‘wat moeten we in hemelsnaam met deze politici en hun medeplichtige media-minions?’

‘O ja, dit boek,’ Hadewych houdt het omhoog, ‘dit heeft Feisal uit een pak van Sjaalman geretrieved: De abele spelen. Bewerkt door Gerrit Komrij. Uit 1989, bij de SDU, ISBN: 90 12 05863 5. Gebonden in rood linnen, met stofomslag. Per kavel van 5 kilo voor 3 euri. Mogen we dit nog in huis hebben jongens? Is dit niet verboden? Contrabande? Misschien zelfs lie-te-raaaa-raaaa-tuuuur?!’

 

 

Jelle Reumer: ‘De acacia is niet te versmaden’ – rubriek in Trouw, 2018 september, zaterdag 22

Nelleke Noordervliet:  ‘Literatuur als bron van kennis van het menselijk tekort’  – OPINIE  – Trouw, 22 september 2018

The Misfits – leerzame film over mustang-vangers, wilde paarden, bestemd voor honden- en kattenvoer. Met legendarische acteurs.

Quigley Down Under (2/11) Movie CLIP – A Good Shot (1990) HD / over het afschieten van aboriginals als waren ze een pest.

 

 

 

 

 
 

Tags: , , , , , , , , , , , , , , , , , , ,